Op Dierendag, zaterdag 4 oktober, organiseert het Instituut voor Dieren in Filosofie en Wetenschap een kindercollege met als titel “Dieren kunnen ook denken en voelen,” speciaal voor kinderen in de leeftijd van 8 t/m 12 jaar met volwassen begeleiding.
Begin juli gaf psycholoog en filosoof dr. Esteban Rivas dit kindercollege aan het Hoger Onderwijs Voor Ouderen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Er was grote belangstelling voor en uiteindelijk zat de zaal vol met meer dan 100 mensen, 56 kinderen en 48 volwassen begeleiders (in dit geval voornamelijk de grootouders van de kinderen). Op Dierendag zal dit kindercollege nu aan de Vrije Universiteit te Amsterdam worden georganiseerd. Beschrijving: In dit kindercollege gaan we op een eenvoudige en vrolijke manier een aantal boeiende ontdekkingen uit de wetenschap behandelen waaruit blijkt dat dieren net als mensen kunnen denken en voelen. We gaan in op de intelligentie van dieren: Hoe slim zijn honden? Hoeveel woorden kan een hond eigenlijk begrijpen? Waarover communiceren dieren met elkaar? Waarschuwen ze elkaar als er roofdieren aankomen? Welke dieren herkennen zichzelf in spiegels? En we gaan in op het gevoelsleven van dieren: Hebben dieren ook gevoelens en emoties? Hoe herken je de emoties in de gezichtsuitdrukkingen van mensapen? Bestaat er iets als liefde en vriendschap tussen dieren? Hoe spelen dieren met elkaar en kunnen ze lachen? Troosten dieren elkaar? Wat voor leuke banden kunnen er bestaan tussen dieren die tot twee hele verschillende diersoorten horen? Dr. Rivas zal met interessante feiten aan komen zetten, boeiend voor zowel jong als oud, waardoor je een goed beeld krijgt van de vele overeenkomsten tussen mensen en andere dieren. Het college zal worden opgeluisterd met veel foto’s, filmpjes, leuke dierengeluiden en een paar kleine proefjes.
Voor wie? Het kindercollege is bedoeld voor kinderen van 8 t/m 12 jaar, met 1 of meer volwassenen als begeleiding. Kosten. De kosten voor deelname zijn 7,50 euro per kind en 12,50 per volwassene. Datum en tijd. Het college zal plaatsvinden op Dierendag, zaterdag 4 oktober 2014. Het begint om 12.30 en eindigt om 14.30 uur (met daarin een korte pauze). Locatie: Hoofdgebouw Vrije Universiteit, De Boelelaan 1105 te Amsterdam. Deze locatie is goed te bereiken met auto en openbaar vervoer. Gratis parkeren is mogelijk op de Gustav Mahlerlaan en de A.J. Ernstlaan. Aanmelden: U kunt zich eenvoudig opgeven door een emailbericht te sturen naar estebanyes@gmail.com. U krijgt dan een emailbericht toegestuurd met daarin alle praktische details en een factuur voor Uw administratie. 
Tagarchief: communicatie van dieren
Cursus “De intelligentie van honden”
De afgelopen weken heeft dr. Rivas voor het Hoger Onderwijs Voor Ouderen (HOVO) Amsterdam aan de Vrije Universiteit met groot succes een cursus van 4 colleges gegeven over de intelligentie van honden. Ook rond deze cursus kreeg Rivas veel verzoeken om de cursus ook te organiseren voor volwassenen die nog jonger zijn dan 50 jaar. Vandaar dat het Instituut voor Dieren in Filosofie en Wetenschap deze cursus nu aanbiedt voor volwassenen van alle leeftijden op twee opeenvolgende zaterdagen in september: 13 en 20 september.
Beschrijving cursus: De afgelopen 20 jaar vinden er heel veel nieuwe studies plaats naar de intelligentie of cognitie van honden. Zo zijn er inmiddels aparte instituten opgericht aan universiteiten over de hele wereld waar intelligentie-onderzoek met honden wordt gedaan: het Family Dog Project aan de Universiteit van Boedapest (Adam Miklosi), de afdeling Vergelijkende en Ontwikkelings-psychologie van het Max Planck Instituut voor Evolutionaire Antropologie van de Universiteit van Leipzig (Juliane Kaminski en Michael Tomasello), het Clever Dog Lab aan de Universiteit van Wenen (Ludwig Huber) en het Duke Canine Cognition Center aan de Duke University in de Verenigde Staten (Brian Hare). Tijdens deze cursus zal psycholoog en filosoof dr. Rivas uitgebreid ingaan op de uitkomsten van al deze recente onderzoeken met honden. Centraal staan de thema’s sociale en fysieke intelligentie. Onderwerpen die aan bod zullen komen zijn o.a.: Begrijpen honden wat mensen zien, horen en weten? In hoeverre begrijpen honden menselijke communicatieve signalen zoals wijzen en blikrichting? Is de communicatie van honden doelbewust of intentioneel? Wat leren honden door sociale observatie, zijn ze in staat tot imitatie? Verzoenen honden zich na een conflict en troosten ze elkaar? Bestaat er bewijs voor empathie bij honden? Wat is er uit taalonderzoek met honden voortgekomen, kunnen honden menselijke woorden begrijpen? Waaruit bestaat de fysieke intelligentie van honden, wat begrijpen ze van hun fysieke omgeving? Hebben ze door dat voorwerpen blijven bestaan (object-permanentie) en hoe gedragen honden zich in spannende onderzoeken als de toverbeker? De cursus geeft je een goed overzicht van de huidige stand van zaken op het gebied van de wetenschappelijke kennis over de intelligentie van honden. Dat zal voor een deel ook je eigen beeld veranderen van waar honden toe in staat zijn qua intelligentie.
Cursusboek: Bij deze cursus gebruiken we De wijsheid van honden. Over intelligentie en gedrag en van ons meest geliefde huisdier van Brian Hare & Vanessa Woods als cursusboek. Dat is de Nederlandse vertaling van The genius of dogs. How dogs are smarter than you think, vorig jaar verschenen en geschreven door professor in de evolutionaire antropologie Brian Hare, co-directeur van het Duke Canine Cognition Center aan de Duke University in North Carolina (VS). Het boek bevat het meest recente overzicht over de resultaten van al het recente onderzoek naar de intelligentie van honden. Tijdens de cursus gelden een aantal hoofdstukken uit dit boek per cursusdag als voorbereiding. De cursisten kunnen deze hoofdstukken dan vantevoren lezen en daarbij vragen noteren, zowel over de tekst als men iets niet snapt, als over de inhoud, wanneer men een discussievraag heeft. Deze vragen kunnen dan op de cursus zelf worden gesteld en gezamenlijk behandeld worden. Men kan echter ook de cursus volgen zonder het cursusboek te hebben gelezen, aangezien dr. Rivas de belangrijkste materie uit het boek in de vorm van een samenvatting zal presenteren. Het ISBN nr van het boek is: 9789026323980 en is uitgegeven bij Ambo/Anthos in Amsterdam.
Voor wie? De cursus is bedoeld voor iedereen die geïnteresseerd is in de intelligentie van honden, of men nu wel of niet zelf een huishouden deelt met een hond. Daarnaast is deze zeer geschikt voor mensen die professioneel met honden werken, zoals dierenartsen en hondengedragstherapeuten (diegenen aangesloten bij stichting Alpha krijgen er punten permanente educatie voor). Een specifieke vooropleiding is niet vereist. Wel is het handig als men passief Engels kan begrijpen, aangezien niet alle filmpjes die zullen worden getoond ondertiteld zijn.
Kosten. Deelname aan de volledige cursus kost 90 euro. Studenten met een studentenkaart betalen 60 euro. Het is niet goed mogelijk om alleen 1 cursusdag te volgen, aangezien men dan de helft van de inhoud zal missen.
Data en tijden. De cursus bestaat uit twee zaterdagen in september: 13 en 20 september. Elke cursusdag begint om 11.30 en eindigt om 16.30 uur. De cursus wordt zonder lunch gegeven.
Locatie: Hoofdgebouw Vrije Universiteit, De Boelelaan 1105 te Amsterdam. Deze locatie is goed te bereiken met auto en openbaar vervoer. Gratis parkeren is mogelijk op de Gustav Mahlerlaan en de A.J. Ernstlaan.
Aanmelden: U kunt zich eenvoudig opgeven door een emailbericht te sturen naar estebanyes@gmail.com. U krijgt dan een emailbericht toegestuurd met daarin alle praktische details en een factuur voor Uw administratie.
Cursus “Communicatie en taal bij dieren. Recente ontwikkelingen in wetenschappelijk onderzoek.”
De afgelopen jaren heeft dr. Rivas aan meerdere universiteiten in het land voor het Hoger Onderwijs Voor Ouderen (HOVO) met succes de cursus “Communicatie en taal bij dieren. Recente ontwikkelingen in wetenschappelijk onderzoek” gegeven, waarin hij de wetenschappelijke stand van zaken bespreekt over de natuurlijke communicatie van allerlei dieren en de resultaten die uit taalonderzoek met verschillende dieren zijn voortgekomen. Deze cursus is nu beschikbaar voor mensen van alle leeftijden in de vorm van een 2-daagse cursus op twee opeenvolgende zaterdagen in juni.

Het paard Slimme Hans, begin 20e eeuw Berlijn. Hans zou allerlei vragen van mensen kunnen beantwoorden…
Beschrijving: Vogels zingen, honden blaffen en kikkers kwaken: overal communiceren dieren. In het dierenrijk vindt communicatie op allerlei manieren plaats. Op een gegeven moment in de evolutie heeft dierlijke communicatie zich ontwikkeld tot menselijke taal. De vraag die wetenschappers en filosofen al lange tijd bezig houdt, is of de mens daarbij een eenzame positie heeft als het enige wezen met taal. Vanaf begin twintigste eeuw is er veel onderzoek gedaan waarbij werd getracht om allerlei dieren (delen van) de menselijke taal aan te leren. Daarnaast is men steeds verder gekomen in het onderzoek naar de natuurlijke communicatie van dieren. In deze cursus gaan we de stand van zaken behandelen op het gebied van het onderzoek naar communicatie en taal bij dieren. De cursus biedt u een breed overzicht, waarbij op kritische wijze het communicatie- en taalonderzoek met dieren wordt behandeld.
Zaterdag 21 juni: Dag 1.
Communicatie en menselijke taal: Kenmerken en definities. De taalontwikkeling van kinderen. De alarmkreten van meerkatten en prairiehonden. De communicatie en dansen van honingbijen. De zang en roepen van vogels. De natuurlijke communicatie van grote mensapen.
Tijdens de eerste dag behandelen we de verschillende vormen van communicatie die er bestaan. Om een goed onderscheid te kunnen maken tussen dierlijke communicatie en menselijke taal, gaan we in op de kenmerken van de menselijke taal. We behandelen de relatie tussen taal en hersenen en bekijken hoe taal zich ontwikkelt bij menselijke kinderen. Ook kijken we naar de interpretatie van dierlijke communicatie: alleen een uiting van passies en emoties, of kunnen dieren ook verwijzen naar verschillende zaken in de wereld? Wat betekenen de alarmkreten van meerkatten en prairiehonden? Ook behandelen we de dansen van honingbijen, waarmee bijen elkaar informatie geven over geschikte voedsellocaties. Vervolgens gaan we in op de communicatie van vogels. Alle vogelsoorten hebben verschillende soorten roepen: om contact te houden, emoties te uiten, alarm te slaan. Hoe herkent U deze roepen? Daarnaast zingen zangvogels, papegaaien en kolibries liederen met een specifieke opbouw en functie, die ze leren van hun ouders. Wat zijn hier de overeenkomsten met menselijke taal? En hoe communiceren onze naaste verwanten, de grote mensapen? In de laatste decennia is veel bekend geworden over de verschillende vormen van communicatie van chimpansees, bonobo’s, gorilla’s en orang-oetans. We behandelen de communicatieve waarde van de gezichtsuitdrukkingen van de grote mensapen, hun specifieke vocalisaties en de communicatieve gebaren waar grote mensapen van nature gebruik van maken.
Zaterdag 28 juni: Dag 2.
Taalonderzoek met grote mensapen, dolfijnen, zeeleeuwen en papegaaien. Begrip menselijke communicatieve signalen door honden en andere dieren. Taalonderzoek met honden.
Al meer dan een eeuw is in allerlei, vaak controversiële, onderzoeken, geprobeerd om dieren een menselijke taal aan te leren. Zo zijn chimpansees en andere mensapen gebruikt in experimenten om ze gesproken woorden te laten uitspreken. Ook probeerde men chimpansees, gorilla’s en orang-oetans gebaren te leren om met mensen te communiceren. Beroemde apen zoals de chimpansee Washoe en de gorilla Koko leerden met succes tientallen gebaren. Maar vervolgens onstond de apentaalcontroverse, want in hoeverre is hier eigenlijk sprake van taal? We gaan in op de methodologische valkuilen bij dit soort onderzoek en de fouten in interpretaties en conclusies die gemaakt kunnen worden. We behandelen ook het eigen onderzoek van dr. Rivas met deze talige apen. Daarnaast gaan we in op het onderzoek waarbij Kanzi en andere bonobo’s communiceren d.m.v. geometrische symbolen (lexigrammen). Vervolgens gaan we in op het taalonderzoek met andere dieren dan apen: Kunnen dolfijnen en zeeleeuwen opdrachten uitvoeren die door mensen worden gegeven door middel van gebaren? Kunnen papegaaien met mensen communiceren door menselijke woorden uit te spreken? En wat begrijpen honden en andere dieren van onze communicatie, zoals wijzen en blikrichting? Tenslotte laat recent onderzoek zien dat sommige honden honderden menselijke woorden voor allerlei objecten kunnen begrijpen.
Na deze cursus heeft U een nieuwe kijk op de manier waarop dieren communiceren en heeft U inzicht in de vraag in hoeverre we van taal kunnen spreken bij andere dieren. Naast verrassende inzichten in de dieren om ons heen krijgt U ook een beeld van de soms hoog oplopende controverses op dit gebied.
Voor wie? De cursus is bedoeld voor mensen die professioneel met dieren werken, voor studenten, en voor alle mensen die geïnteresseerd zijn in dieren en hun kennis daarover willen vergroten. Een specifieke vooropleiding is niet vereist. Wel is het handig als men passief Engels kan begrijpen, aangezien niet alle filmpjes die ik zal laten zien ondertiteld zijn.
Praktische informatie. De cursus bestaat uit twee zaterdagen die beginnen om 11.00 uur en eindigen om 17.00 uur. Het betreft zaterdag 21 en 28 juni. Men kan zich voor de hele cursus inschrijven of voor 1 zaterdag. Kosten zijn 45 euro per dag, dus 90 euro voor de hele cursus. Studenten met een studentenkaart betalen 30 euro of 60 euro voor de hele cursus. De cursus wordt zonder lunch gegeven.
Locatie: Hoofdgebouw Vrije Universiteit, De Boelelaan 1105 te Amsterdam. Deze locatie is goed te bereiken met auto en openbaar vervoer. Gratis parkeren is mogelijk op de Gustav Mahlerlaan en de A.J. Ernstlaan.
Aanmelden: U kunt zich eenvoudig opgeven door een emailbericht te sturen naar estebanyes@gmail.com. Geef in Uw emailbericht aan of U de volledige 2-daagse cursus wilt volgen of, indien U 1 dag wilt volgen, welke zaterdag dan Uw keuze betreft. U krijgt dan een emailbericht toegstuurd met daarin alle praktische details en een factuur voor Uw administratie.
VPRO interview voor Wetenschap 24
Het wetenschapsprogramma van de VPRO en de NTR, Labyrint, had vorig jaar op 6 oktober een boeiende aflevering, getiteld “Mieren en apen,” waarin een aantal overeenkomsten werden getoond tussen mieren en apen op het gebied van samenwerking. In het programma kwam orang-oetan onderzoeker Carel van Schaik (tegenwoordig verbonden aan de Universiteit van Zürich) aan het woord over cultuur en samenwerking bij apen. Naar zijn idee was het grote verschil tussen mensen en andere mensapen het feit dat mensen hun kinderen gezamenlijk opvoeden en vooral actief nieuwe dingen leren aan hun kroost. Zijn onderzoeksgroep doet ook onderzoek met klauwaapjes, waaruit een begin van dergelijk aktief leren aan jongen apen het geval blijkt te zijn. Klik hier om de hele aflevering te bekijken op de website Wetenschap 24. (Overigens is het programma Labyrint inmiddels helaas opgeheven door bezuinigingen, een enorm verlies voor de Nederlandse televisie.)
Naar aanleiding van deze aflevering ben ik door Rienk Aalbers van de VPRO geïnterviewd over mijn visie op de verschillen tussen mensen en andere apen. Onder de titel “Ontwikkeling van de moderne mens. Het verschil in communicatie tussen mensen en mensapen” is dit interview te lezen op Wetenschap 24. Hieronder kun je het interview lezen in de vorm van screenshots van de site.
Lezing op het partijcongres van de Partij voor de Dieren
Afgelopen herfst werd ik gevraagd om een lezing te geven op het partijcongres van de Partij voor de Dieren. Op 24 november zouden de partijleden bij elkaar komen om o.a. het programma voor de gemeenteraadsverkiezingen op te stellen. Ze zochten een spreker voor een lezing die na de lunch zou plaatsvinden. Ik ben zelf geen lid van de Partij voor de Dieren en heb ook nog nooit op hen gestemd. Eigenlijk gaan ze mij niet ver genoeg. Maar ik draag de partij wel een warm hart toe, aangezien ze wel goed de aandacht trekken voor allerlei problematiek rond hoe wij mensen met andere dieren omgaan. Ik besloot dus in te gaan op hun verzoek om een lezing.
Op zondag 24 november gaf ik ’s middags mijn lezing in een gigantische zaal voor een publiek van meer dan 400 mensen. De titel van mijn lezing was “Mensen zijn niet de enige slimme dieren.” Ik begon de lezing met mijzelf eerst voor te stellen en mijn avontuur te vertellen met de gebarende mensapen uit het taalonderzoek. Ik besprak de claim dat de chimpansees en gorilla’s uit de taalprojecten gebaren als HAPPY, SAD en CRY zouden gebruiken om hun gevoelens en emoties mee uit te drukken. Het vrolijke verhaal van de gorilla Koko en haar kitten All Ball kwam aan bod, waarbij Koko CRY, SAD en FROWN zou hebben gebaard toen het kitten na een paar maanden overleed toen het was overreden door een auto. Vervolgens liet ik de resulaten van mijn eigen onderzoek zien. De ontluisterende resultaten van mijn analyses van de archieven van de gebarende chimpansees en gorilla’s, waaruit bleek dat de apentaalonderzoekers zich schuldig hadden gemaakt aan een selectieve publicatie: alleen die uitingen werden gepubliceerd die talig of zinvol leken, maar alle overige uitingen die onzinnig leken werden weggelaten. Nooit gepubliceerd waren bijvoorbeeld dat Koko CRY CRY gebaarde bij een plaatje van een lachende man. Of SAD CRY SAD CRY bij een plaatje van een slang…
Na de bespreking van mijn onderzoek behandelde ik de boeiende studies naar de alarmkreten van meerkatten en prairiehonden. In tegenstelling tot wat Descartes eeuwen geleden had beweerd, dat dieren alleen maar hun passies communiceren en nooit elkaar informatie over de buitenwereld meedelen, blijkt uit deze onderzoeken dat meerkatten en prairiehonden elkaar met verschillend klinkende alarmkreten waarschuwen voor het soort roofdier wat in aantocht is (bijvoorbeeld een luipaard, arend of slang), en bij de prairiehonden (die ook een apart mensen-alarm hebben!) zelfs enige fysieke kenmerken van het specifieke roofdier wat ze zien.
Als laatste behandelde ik nog een paar onderwerpen uit het recente onderzoek naar de intelligentie van honden. Ik noemde dat uit recente studies is gebleken dat honden goed rekening houden met het visuele perspectief van mensen, dat ze het wijzen van ons als communicatief en coöperatief signaal goed begrijpen, en dat honden na een conflict de verliezende hond troosten. Tenslotte behandelde ik kort het taalonderzoek met honden, met border collie Chaser als de hond die meer dan 1.000 menselijke woorden leerde begrijpen voor allerlei speelgoed objecten.

Ik beantwoord vragen van het publiek, terwijl Marianne Thieme klaar staat met veganistische truffels en wijn
Na mijn lezing kreeg ik goede en ook kritische vragen. Zo vroeg Marianne Thieme of het eigenlijk wel leuk was geweest voor Chaser om 3 jaar lang dagelijks 4 tot 5 uur training in het leren van woorden te krijgen. Ik antwoordde daarop dat ik zelf geen onderzoek heb verricht naar de manier waarop Chaser woorden kreeg te leren, maar dat ik me voor kon stellen dat de wetenschappers die haar woorden leerden niet altijd haar belangen voorop zullen hebben gesteld. Ook stelde ze de vraag of de intelligentie van dieren eigenlijk wel belangrijk is voor de manier waarop we met deze andere dieren omgaan. Daarop was mijn antwoord dat intelligentie voor mij niet moreel relevant is en dat het erom gaat of dieren ervaringsbewustzijn hebben, dus positieve of negatieve ervaringen kunnen beleven. En tussen alle dieren die bewustzijn hebben sta ik dan een egalitarisme voor, net zoals we ook in de humane ethiek geen onderscheid tussen mensen maken op basis van hun intelligentie. Ik zei toen “bij mensen bestaan er ook slimme en domme mensen,” waarop het publiek moest lachen en applaus gaf.
Als dank voor mijn lezing ontving ik van Marianne Thieme een doos zalige veganistische truffels en een fles veganistische wijn. Het was erg leuk om deze lezing te geven en ik hoop dat de partijleden op deze manier weer wat hebben opgestoken over wat de wetenschap ontdekt over de intelligentie en het gevoelsleven van dieren.
Een groot gedeelte van mijn lezing op het partijcongres is te zien als video op het YouTube kanaal van de Partij voor de Dieren. Klik hieronder op het filmpje om de video te bekijken.
Hovo cursus “Communicatie en taal bij dieren” in Roermond
In februari en maart 2014 geeft dr. Esteban Rivas de cursus “Communicatie en taal bij dieren” voor het Hoger Onderwijs Voor Ouderen (HOVO) Zuyd op de lokatie Roermond. Na deze cursus al op meerdere Hovo’s in het land te hebben gegeven, is de provincie Limburg nu eindelijk aan de beurt.
Omschrijving van de cursus: Iedereen vraagt zich wel eens af hoe dieren communiceren. Wij mensen doen dat vooral met taal, maar bestaat er ook zoiets als ‘dierentaal’? Geven dieren uiting aan passies en emoties? Als we luisteren naar het geblaf van honden of het miauwen van katten, zou je denken van wel. We weten dat dieren elkaar dingen duidelijk maken. maar hoe gaat dat in zijn werk?
Om het antwoord te vinden op deze vragen is er wereldwijd onderzoek gedaan onder allerlei diersoorten. Dit heeft een schat aan informatie en inzichten opgeleverd over communicatie en ‘taal’ bij dieren. Zo zijn bijvoorbeeld de alarmkreten van meerkatten, stokstaartjes en prairiehonden geanalyseerd. Onderzoek onder zangvogels toonde aan dat de ouders hun kinderen melodieën leren met een bepaalde opbouw en functie. Er is gebleken dat grote mensapen, net als wij, met hun gezichtsuitdrukking veel duidelijk kunnen maken. Ook hebben wetenschappers geprobeerd een menselijke taal te leren aan apen en zijn er experimenten uitgevoerd om dolfijnen en zeeleeuwen opdrachten te geven door middel van gebaren. Natuurlijk is er ook taalonderzoek onder huisdieren gepleegd om erachter te komen wat honden en katten begrijpen van menselijke communicatie. Begrijpen ze onze woorden en gebaren? Weet de papagaai wat ‘Lorre’ betekent? Weet uw hond wat u bedoelt als u naar een stok wijst?
Deze cursus biedt u een overzicht van de vele onderzoeken naar dierlijke communicatie en de fascinerende resultaten. De informatie wordt ondersteund door veel beeldmateriaal.
- College 1: Communicatie en menselijke taal: kenmerken en definities.
- College 2: Vogelroepen, vogelzang en taalonderzoek met papegaaien.
- College 3: Natuurlijke communicatie van grote mensapen.
- College 4: Taalonderzoek met grote mensapen.
- College 5: Taalonderzoek met bonobo’s, dolfijnen, en zeeleeuwen
- College 6: De communicatie van honden en katten en het taalonderzoek met honden.
De cursus zal worden gegeven in MFC ’t Paradies, Munsterstraat 61 te Roermond. De colleges vinden plaats op vrijdagmiddag van 13.30 tot 15.30 uur op de volgende data: 7, 14, 21, 28 februari en 14 en 21 maart. Men kan zich voor deze cursus inschrijven tot en met 30 januari 2014. Inschrijven kan alleen als U 50 jaar of ouder bent. Klik hier om U in te schrijven.
Bent U jonger dan 50 jaar en wilt U toch deze cursus volgen? Het Instituut voor Dieren in Filosofie en Wetenschap biedt de cursus “Communicatie en taal bij dieren” in 2 zaterdagen in maart aan voor mensen van alle leeftijden. Klik hier voor meer informatie over deze 2-daagse cursus op zaterdagen 1 en 8 maart.
Daarnaast kan alvast gemeld worden dat dr. Rivas in juli 2014 een zomercursus over de intelligentie van honden zal geven voor Hovo Amsterdam. In 4 colleges zullen dan de boeiende nieuwe studies naar de intelligentie van honden worden behandeld. Als cursusboek zal De Wijsheid van Honden. Over intelligentie en gedrag van ons meest geliefde huisdier van Brian Hare en Vanessa Woods worden gebruikt.
In de herfst van 2014 keert dr. Rivas ook terug bij Hovo Rotterdam. Daar zal hij in oktober en november een cursus in 8 colleges geven over de intelligentie van dieren. In deze cursus zal hij een overzicht geven van de wetenschappelijke stand van zaken op het gebied van de intelligentie van allerlei dieren, van mensapen tot kraaiachtigen, van olifanten tot ratten en nog veel meer. Nadere informatie over deze twee cursussen volgt tezijnertijd.
Cursus “Communicatie en taal bij dieren”
De afgelopen jaren heeft dr. Rivas aan meerdere universiteiten in het land voor het Hoger Onderwijs Voor Ouderen (HOVO) met succes de cursus “Communicatie en taal bij dieren. Recente ontwikkelingen in wetenschappelijk onderzoek” gegeven, waarin hij de wetenschappelijke stand van zaken bespreekt over de natuurlijke communicatie van allerlei dieren en de resultaten die uit taalonderzoek met verschillende dieren zijn voortgekomen. Deze cursus is nu beschikbaar voor mensen van alle leeftijden in de vorm van een 2-daagse cursus op twee opeenvolgende zaterdagen in maart.

Het paard Slimme Hans, begin 20e eeuw Berlijn. Hans zou allerlei vragen van mensen kunnen beantwoorden…
Beschrijving: Vogels zingen, honden blaffen en kikkers kwaken: overal communiceren dieren. In het dierenrijk vindt communicatie op allerlei manieren plaats. Op een gegeven moment in de evolutie heeft dierlijke communicatie zich ontwikkeld tot menselijke taal. De vraag die wetenschappers en filosofen al lange tijd bezig houdt, is of de mens daarbij een eenzame positie heeft als het enige wezen met taal. Vanaf begin twintigste eeuw is er veel onderzoek gedaan waarbij werd getracht om allerlei dieren (delen van) de menselijke taal aan te leren. Daarnaast is men steeds verder gekomen in het onderzoek naar de natuurlijke communicatie van dieren. In deze cursus gaan we de stand van zaken behandelen op het gebied van het onderzoek naar communicatie en taal bij dieren. De cursus biedt u een breed overzicht, waarbij op kritische wijze het communicatie- en taalonderzoek met dieren wordt behandeld.
Zaterdag 1 maart: Dag 1.
Communicatie en menselijke taal: Kenmerken en definities. De taalontwikkeling van kinderen. De alarmkreten van meerkatten en prairiehonden. De communicatie en dansen van honingbijen. De zang en roepen van vogels. De natuurlijke communicatie van grote mensapen.
Tijdens de eerste dag behandelen we de verschillende vormen van communicatie die er bestaan. Om een goed onderscheid te kunnen maken tussen dierlijke communicatie en menselijke taal, gaan we in op de kenmerken van de menselijke taal. We behandelen de relatie tussen taal en hersenen en bekijken hoe taal zich ontwikkelt bij menselijke kinderen. Ook kijken we naar de interpretatie van dierlijke communicatie: alleen een uiting van passies en emoties, of kunnen dieren ook verwijzen naar verschillende zaken in de wereld? Wat betekenen de alarmkreten van meerkatten en prairiehonden? Ook behandelen we de dansen van honingbijen, waarmee bijen elkaar informatie geven over geschikte voedsellocaties. Vervolgens gaan we in op de communicatie van vogels. Alle vogelsoorten hebben verschillende soorten roepen: om contact te houden, emoties te uiten, alarm te slaan. Hoe herkent U deze roepen? Daarnaast zingen zangvogels, papegaaien en kolibries liederen met een specifieke opbouw en functie, die ze leren van hun ouders. Wat zijn hier de overeenkomsten met menselijke taal? En hoe communiceren onze naaste verwanten, de grote mensapen? In de laatste decennia is veel bekend geworden over de verschillende vormen van communicatie van chimpansees, bonobo’s, gorilla’s en orang-oetans. We behandelen de communicatieve waarde van de gezichtsuitdrukkingen van de grote mensapen, hun specifieke vocalisaties en de communicatieve gebaren waar grote mensapen van nature gebruik van maken.
Zaterdag 8 maart: Dag 2.
Taalonderzoek met grote mensapen, dolfijnen, zeeleeuwen en papegaaien. Begrip menselijke communicatieve signalen door honden en andere dieren. Taalonderzoek met honden.
Al meer dan een eeuw is in allerlei, vaak controversiële, onderzoeken, geprobeerd om dieren een menselijke taal aan te leren. Zo zijn chimpansees en andere mensapen gebruikt in experimenten om ze gesproken woorden te laten uitspreken. Ook probeerde men chimpansees, gorilla’s en orang-oetans gebaren te leren om met mensen te communiceren. Beroemde apen zoals de chimpansee Washoe en de gorilla Koko leerden met succes tientallen gebaren. Maar vervolgens onstond de apentaalcontroverse, want in hoeverre is hier eigenlijk sprake van taal? We gaan in op de methodologische valkuilen bij dit soort onderzoek en de fouten in interpretaties en conclusies die gemaakt kunnen worden. We behandelen ook het eigen onderzoek van dr. Rivas met deze talige apen. Daarnaast gaan we in op het onderzoek waarbij Kanzi en andere bonobo’s communiceren d.m.v. geometrische symbolen (lexigrammen). Vervolgens gaan we in op het taalonderzoek met andere dieren dan apen: Kunnen dolfijnen en zeeleeuwen opdrachten uitvoeren die door mensen worden gegeven door middel van gebaren? Kunnen papegaaien met mensen communiceren door menselijke woorden uit te spreken? En wat begrijpen honden en andere dieren van onze communicatie, zoals wijzen en blikrichting? Tenslotte laat recent onderzoek zien dat sommige honden honderden menselijke woorden voor allerlei objecten kunnen begrijpen.
Na deze cursus heeft U een nieuwe kijk op de manier waarop dieren communiceren en heeft U inzicht in de vraag in hoeverre we van taal kunnen spreken bij andere dieren. Naast verrassende inzichten in de dieren om ons heen krijgt U ook een beeld van de soms hoog oplopende controverses op dit gebied.
Voor wie? De cursus is bedoeld voor mensen die professioneel met dieren werken, voor studenten, en voor alle mensen die geïnteresseerd zijn in dieren en hun kennis daarover willen vergroten. Een specifieke vooropleiding is niet vereist. Wel is het handig als men passief Engels kan begrijpen, aangezien niet alle filmpjes die ik zal laten zien ondertiteld zijn.
Praktische informatie. De cursus bestaat uit twee zaterdagen die beginnen om 11.00 uur en eindigen om 17.00 uur. Het betreft zaterdag 1 en 8 maart. Men kan zich voor de hele cursus inschrijven of voor 1 zaterdag. Kosten zijn 45 euro per dag, dus 90 euro voor de hele cursus. Studenten met een studentenkaart betalen 30 euro per dag of 60 euro voor de hele cursus. De cursus wordt zonder lunch gegeven.
Locatie: Hoofdgebouw Vrije Universiteit, De Boelelaan 1105 te Amsterdam. Deze locatie is goed te bereiken met auto en openbaar vervoer. Gratis parkeren is mogelijk op de Gustav Mahlerlaan en de A.J. Ernstlaan.
Aanmelden: U kunt zich eenvoudig opgeven door een emailbericht te sturen aan estebanyes@gmail.com. U krijgt dan een emailbericht toegestuurd met daarin de praktische details m.b.t. betaling en dergelijke.
Grammatica-achtige elementen in de roepen van Aziatische olifanten? Oproep voor crowdfunding van deze studie
Mickey Pardo is een promovendus aan de Faculteit Neurobiologie en Gedrag van de Cornell Universiteit in Ithaca, New York. Hij heeft een grote interesse in dierlijke communicatie en heeft een fascinerende studie opgezet waarin hij de vocalisaties of roepen gaat analyseren van wilde Aziatische olifanten in het Uda Walawe Nationaal Park in Sri Lanka. Hij is vooral geinteresseerd in de combinaties van roepen die de Aziatische olifanten maken, zoals de ‘longroar-rumble,’ en door playback experimenten te gebruiken hoopt hij de betekenis van deze specifieke roepen te kunnen vaststellen. Mogelijk bevatten deze combinaties van roepen een syntaxis-achtige kwaliteit, zoals gevonden is in de combinaties van roepen door de Campbell meerkatten in het Tai Nationaal Park in Ivoorkust. Klaus Zuberbühler en zijn collega’s van de St. Andrews Universiteit in Schotland bestudeerden de roepen van deze apen en ontdekten dat wanneer zij bijvoorbeeld het geluid “oe” toevoegen aan hun alarmkreten (Krak voor luipaarden, Hok voor arenden) de gecombineerde roepen Krak-oe en Hok-oe de betekenis veranderen van de boodschap die wordt overgedragen. Krak-oe en Hok-oe betekenen dan dat het gevaar minder direct dreigend is of minder specifiek. Mickey Pardo wil nu de roepen van de Aziatische olifanten analyseren, maar daarvoor heeft hij de hulp van U allemaal nodig om zijn onderzoek te helpen financieren. Hij heeft een oproep voor crowd funding gedaan bij Microryza.com. Door zijn onderzoek hoopt Pardo ook bij te dragen aan de conservatie van Aziatische olifanten, die bedreigd zijn en wiens aantallen blijven afnemen. Hieronder beschrijft Mickey in zijn eigen woorden zijn studie. Bekijk zijn project bij Microryza.com en help mee deze intrigerende studie te financieren!
Mickey Pardo: De eerste keer dat ik wilde Aziatische olifanten zag was afgelopen december, in het Uda Walawe Nationaal Park, Sri Lanka. Als eerstejaars promovendus aan de Cornell Universiteit was ik bezig een project op te zetten en ik bedacht dat dit park geschikt was voor een veldwerk studie. Ik was onder de indruk van de ongelooflijke variatie aan geluiden die de olifanten maakten. Natuurlijk, ze maakten hun welbekende getrompetter, maar ze produceerden ook brulgeluiden die kilometers ver reikten, rommelgeluiden die zo laag waren dat mijn menselijke oren ze nauwelijks kon opmerken, en piepgeluiden die meer leken op een hondenspeeltje dan een olifant. Waarom hebben deze dieren zoveel verschillende soorten roepen? En wat betekenen deze roepen? De waarheid is dat niemand dat weet. We weten zelfs verrassend weinig over de manier waarop Aziatische olifanten zich gedragen in het wild – zelfs minder dan we weten over hun Afrikaanse neven en nichten. Ik heb mij ten doel gesteld om sommige geheimen van de Aziatische olifanten communicatie te ontrafelen – en tegelijkertijd zo te promoveren!
We hebben verrassend veel gemeen met olifanten. We zijn beiden dieren die lang leven en hebben erg grote hersenen voor onze lichaamsgrootte. We hebben beiden uitgebreide sociale netwerken en kunnen individuen decennia lang onthouden. En we laten allebei een grote mate van samenwerking zien binnen onze sociale groepen. Dit is opmerkelijk omdat een van de hypotheses waarom menselijke taal uiteindelijk zo complex is geworden, is dat we een complexe taal nodig hadden om met onze ingewikkelde sociale relaties om te kunnen gaan en om ons meer effectief te laten samenwerken. Vanwege de grote parallellen in sociaal gedrag tussen mensen en olifanten, is het niet moeilijk om je voor te stellen dat olifantencommunicatie veel verder gaat dan wat we aan de oppervlakte zien.
Aziatische olifanten combineren hun roepen soms in sequenties. U kunt een voorbeeld daarvan zien in deze spectogrammen, de visuele weergaves van geluid. De eerste roep is een ‘longroar,’ een luide, lawaaierige vocalisatie. De tweede is een ‘rumble,’ een laag, rollend geluid. De derde roep lijkt erg op een combinatie van deze twee geluiden en wordt een ‘longroar-rumble’ genoemd. Zijn deze combinaties van roepen nu analoog aan de manier waarop wij woorden tot zinnen samenvoegen? Als dat zo is, dan zou dit het eerste geval zijn van grammatica-achtige communicatie in een dier dat geen primaat is. Maar het is ook mogelijk dat de combinaties van roepen gewoon twee verschillende signalen zijn die toevallig dicht op elkaar worden geproduceerd. De enige manier om het zeker te weten is door opnames van de roepen te digitaliseren en deze zo te manipuleren dat er verschillende sequenties worden gemaakt, deze geluiden vervolgens playback af te spelen bij de olifanten, en hun reacties te observeren. Dit soort experimenten, die “playback” experimenten worden genoemd, zijn zeer goede onderzoeksmethoden op het gebied van dierlijke communicatie. Ze geven ons de mogelijkheid te bekijken hoe de dieren zelf verschillende roepen waarnemen en interpreteren, en is het dichtste wat we kunnen komen bij het hen daadwerkelijk vragen.
In januari keer ik terug naar Sri Lanka voor zes maanden om daar de allereerste playback experimenten te doen met Aziatische olifanten. Het is misschien begrijpelijk dat dergelijke experimenten niet eerder zijn uitgeprobeerd, want het is wel een logistieke nachtmerrie om ze uit te voeren! Zo hebben veel olifantenroepen componenten die onder onze menselijke gehoorgrens liggen. De wetten van de fysica dicteren dan ook dat om zulke lage geluiden te reproduceren er dan ook een werkelijk enorme luidspreker nodig is. Het transporteren van een tientallen kilo’s zware luidspreker naar een verafgelegen locatie in een ontwikkelingsland is niet goedkoop. Bovendien moet ik twee jeeps huren: een voor de luidspreker buiten het zicht van de olifanten, en een ander om dichter bij de kudde te komen zodat ik hun gedrag kan observeren.
Omdat mijn studie onafhankelijk is van het onderzoek van mijn promotor, ben ik verantwoordelijk voor het zelfstandig financieren van mijn project. Ik probeer geld voor mijn onderzoek te verzamelen door het crowdfunding platform Microryza. Indien U niet bekend bent met crowdfunding, het idee is om zoveel mogelijk mensen te vinden die geld willen doneren voor het project. Er is maar een beperkte hoeveelheid tijd om het doel te bereiken, dus hoe meer bekendheid het project krijgt, hoe beter. Indien U daartoe in staat bent, zou ik het zeer waarderen als U een klein bedrag zou kunnen bijdragen aan mijn project. Ook als U niet kunt doneren, dan zou het fantastisch zijn als U mijn link naar het project zou willen delen op Facebook of Twitter. Ik zal U op de hoogte houden van het laatste nieuws over mijn onderzoek, en ik zal uiteraard veel foto’s en video’s plaatsen over het werk!
In deze video op YouTube legt Mickey Pardo zijn studie met Aziatische olifanten uit:
Inschrijving nog open voor aankomende lezingdagen
Afgelopen zaterdag gaf ik in Amsterdam weer de Dierlijke Lezingdag over het recente onderzoek naar de intelligentie van honden. Met veel plezier bracht ik daar de uitkomsten van al het nieuwe onderzoek naar de slimheid of zelfs genialiteit van honden, zoals wat honden begrijpen van het zien, horen en weten van mensen, hun begrip van onze communicatie signalen zoals wijzen en blikrichting, de honderden woorden die sommige honden kunnen begrijpen, het vermogen van honden tot imitatie, empathie en hun fysieke intelligentie. Zoals op de foto’s te zien waren er twee honden aanwezig op deze dag. In principe is het niet de bedoeling dat honden meekomen naar mijn lezingdagen, omdat het niet zo leuk is voor de honden om stil te zijn terwijl hun baasjes naar mijn verhalen luisteren. Maar soms kan het niet anders. De deelnemers afgelopen zaterdag waren erg enthousiast over de lezingdag. Reacties naderhand waren o.a. “een zeer leerzame dag,” “inspirerend,” “echt een aanrader,” “Esteban is niet alleen heel kundig, maar staat ook voor wat hij uitdraagt,” en “deze lezingen kan ik van harte aanbevelen.”
De komende maanden organiseer ik naast nog drie andere lezingdagen een aantal andere evenementen die van interesse zullen zijn voor iedereen die zijn kennis wil vergroten over dieren. Hieronder een chronologisch overzicht. Klik op de titels om meer informatie over de inhoud te krijgen en de praktische informatie om U in te schrijven. Voor alle evenementen staat de inschrijving nog open.
Zondag 6 oktober – Drenthe: Dierlijke Lezingdag: Inleiding tot de dierethiek.
Zaterdag 12 oktober – Amsterdam: Dierlijke Lezingdag: Bewustzijn en emoties bij dieren.
Donderdag 17 oktober – Brussel: Vertoning documentaire “Project Nim” met na afloop vragen & antwoorden sessie met mijzelf.
Zaterdag 19 oktober – Amsterdam: Dierlijke Lezingdag: Inleiding tot de dierethiek.
Donderdag 24 oktober – Veenendaal: Ochtendmodules over de intelligentie van honden voor de cursus Het hondenbrein: De aard van het beestje, Edupet.
Zaterdag 26 oktober – Amsterdam: tweede seminar in de Apes and Dolphins Seminar Series, getiteld: Our cognitive cousins: The intelligence of apes and dolphins. Let op: de voertaal van het seminar is Engels.
Zaterdag 2, 9 en 16 november – Amsterdam: driedaagse cursus Communicatie en taal bij dieren.
Gealarmeerde prairiehonden en eenzame mensen: Kort optreden op de nationale TV
Begin juni verscheen er een interview met de bioloog Con Slobodchikoff in het online tijdschrift The Atlantic over de communicatie van dieren. Slobodchikoff, inmiddels professor emeritus van de Northern Arizona University, is beroemd geworden door zijn onderzoek van priariehonden. Dat zijn geen honden, maar knaagdieren. Ze horen tot de familie van de eekhoorn en leven in grote groepen in ondergrondse netwerken van holen in het midwesten van de Verenigde Staten. Slobodchikoff heeft decennia lang het gedrag van prairiehonden bestudeerd en daarbij heeft hij ontdekt dat deze dieren aan elkaar communiceren wat voor soort roofdier er in aantocht is. Minutieuze analyse van de alarmkreten die de prairiehonden produceren toonde aan dat de knaagdieren verschillend klinkende kreten hebben voor de verschillende soorten roofdieren die op ze jagen. Zo hebben ze een apart roodstaartbuizerd-alarm, een coyote-alarm, een hond-alarm en zelfs een alarm voor de mens. Deze verschillende soorten alarmkreten zijn ontstaan omdat er bij elk roofdier een verschillende vluchtreactie past die het beste is om weg te komen van het roofdier. Playback experimenten toonden aan dat de prairiehonden de juiste vluchtreactie kiezen bij het horen van een roofdieralarm.
Informatie in alarmkreten
Al sinds de jaren ’80 van de vorige eeuw was bekend dat sommige dieren meerdere soorten alarmkreten voor roofdieren hebben. De biologen Dorothy Cheney en Robert Seyfarth van de University of Pennsylvania in Philadelphia ontdekten dat meerkatten (vervet monkeys in het Engels, kleinere apen die ten zuiden van de Sahara in Afrika veel voorkomen) een apart alarm voor luipaarden hadden, weer een ander alarm voor arenden en andere roofvogels, en een derde alarm voor slangen. Ook zij toonden d.m.v. playback experimenten aan dat de kreten informatie geven over het type roofdier wat in aantocht is. Sindsdien worden deze alarmkreten functioneel referentieel genoemd. Referentieel wil zeggen dat de kreten refereren of verwijzen naar zaken in de buitenwereld. Tot dan toe was de wetenschappelijke interpretatie van dierlijke communicatie dat dieren alleen maar hun gevoelens en passies uitdrukken in hun verschillende vormen van communicatie. Bij de alarmkreten van de meerkatten bleek voor het eerst dat dieren ook concrete informatie over iets in de buitenwereld aan elkaar communiceren, namelijk het type roofdier. De kreten worden functioneel referentieel genoemd, omdat ze functioneren als informatie gevend over de roofdieren om hen heen. Er is nog wel enige discussie in de wetenschap in hoeverre de meerkatten ook daadwerkelijk begrijpen welk roofdier eraan komt, of dat ze zonder echt besef van het type roofdier hebben geleerd welke vluchtreactie ze moeten kiezen. Toch is er wel een groeiende consensus onder wetenschappers dat de meest plausibele interpretatie moet zijn dat de dieren ook echt een mentaal plaatje in hun hoofd hebben van het type roofdier als ze een bepaalde alarmkreet horen. Zo scannen de meerkatten meteen de lucht zodra ze het arend-alarm horen en speuren ze de grond om hen heen af als het slangen-alarm wordt gegeven. Sindsdien zijn zulke verschillende alarmkreten ook aangetroffen bij stokstaartjes, katachtige roofdieren in Zuidelijk Afrika. Bij dieren die maar 1 uniforme vluchtreactie hebben bij alle types roofdieren vinden we maar 1 alarmkreet en geen meerdere, verschillende kreten. De bergmarmot vlucht altijd meteen zijn hol in en heeft daarom maar 1 alarmkreet.
Alarm! Grijze, dikke coyote in aantocht!
Bij de prairiehonden ontdekte Slobodchikoff dat hun alarmkreten niet alleen informatie geven over het type roofdier dat in aantocht is, maar zelfs een aantal fysieke kenmerken van het roofdier aangeven. Zo geven ze met een kleine verandering in het alarm aan wat de grootte, de dikte en de kleur van de vacht van het roofdier is. Zo kunnen ze elkaar meedelen dat er een grijze, dikke coyote in aantocht is, of een bruine, kleine coyote. Ze maken dan in beide gevallen het geluid van het coyote-alarm, maar met een kleine verandering, die door middel van sonogrammen of spectogrammen na computeranalyse goed te ontdekken is. Het is behoorlijk opmerkelijk dat de prairiehonden zo specifiek kunnen zijn in de informatie die ze aan elkaar geven over het roofdier wat hen belaagd. Waarom zouden ze elkaar informeren over de grootte, dikte of kleur van het roofdier? Alleen het type roofdier zou toch voldoende moeten zijn? Slobodchikoff interpreteert dat als volgt. Het zou te maken hebben met de verschillende soorten jachtgedrag van dezelfde, maar individueel verschillende roofdieren. Zo jaagt de ene coyote altijd op dieren die het verst van hun hol zijn en gaat de andere coyote stil bij de ingang van het hol liggen en blijft daar rustig een uur lang liggen, tot de prairiehonden hun hoofd weer naar buiten steken en dan gepakt worden. Als ze nou weten welk individu er op de loer ligt, kunnen ze zorgen dat ze altijd dicht bij het hol blijven, of dat ze juist heel voorzichtig moeten zijn bij het weer uit hun hol kruipen. In onderstaand filmpje krijg je een mooi overzicht van het onderzoek naar de alarmkreten van prairiehonden:
Is het taal?
De concrete experimenten die Slobodchikoff heeft gedaan zijn wetenschappelijk correct uitgevoerd en, tenzij er van bedrog sprake is, mogen we ervan uitgaan dat prairiehonden inderdaad zelfs de fysieke kenmerken van roofdieren in hun alarmkreten aangeven. Hoe je vervolgens deze communicatie interpreteert is nog wel degelijk onderwerp van grote controverse. Slobodchikoff beweert namelijk dat de prairiehonden een echte taal hebben en dat deze na de menselijke taal de meest complexe vorm van taal is die de wetenschap op dit moment kent. Hij zegt zelfs dat de prairiehonden zelfstandige naamwoorden (het type roofdier) en bijvoeglijke naamwoorden (diens fysieke kenmerken) hebben in hun taal. Net als bij de apentaalcontroverse vanaf de jaren ’80 is deze discussie sterk afhankelijk van de specifieke definitie van ‘taal’ die men hanteert. Noem je alle communicatie van dieren taal dan is dat wel aardig als uitdrukking van de continuïteit tussen mensen en andere dieren, maar daarmee verlies je wel de mogelijkheid om de specifieke kenmerken van onze menselijke taal te onderscheiden van de meer eenvoudige vormen van dierlijke communicatie. Mijn eigen definitie van taal is als volgt: de menselijke taal kenmerkt zich door 1. de aanwezigheid van symbolen (woorden en gebaren die verwijzen naar zaken in de buitenwereld), 2. betekenisvolle combinatie van symbolen (de aanwezigheid van structuur regels voor het combineren van woorden en gebaren tot echte zinnen, waarmee men meer kan uitdrukken dan met alleen losse woorden), en 3. een rijkdom aan functies waarvoor de talige communicatie wordt gebruikt (niet alleen alarm slaan bijvoorbeeld, maar ook het uitdrukken van allerlei gedachten en gevoelens, het vertellen van verhalen en fantasieën). In mijn eigen onderzoek naar de prestaties van de grote mensapen in het taalonderzoek was mijn conclusie dat ook de niet-menselijke grote mensapen (mensen zijn namelijk ook mensapen!) geen taal hadden geleerd in deze projecten. De apen waren zeer goed in staat tot het leren en gebruiken van losse, individuele symbolen (in de vorm van gebaren of geometrische symbolen op een computerscherm), maar als ze symbolen gingen combineren was er geen sprake van zinnen, maar rijgden ze lukraak de symbolen die ze hadden geleerd aan elkaar, in een poging de mens te bewegen hen iets te geven. Qua functies was hun symboolgebruik van de apen beperkt tot maar 1 functie: het vragen om objecten of acties.
Als we nu naar de alarmkreten van de prairiehonden kijken, dan moet ook daar de conclusie zijn dat de prairiehonden geen taal hebben. Ook al hebben ze verschillende soorten kreten die informatie over het roofdier geeft, tot nu toe blijft het daartoe beperkt en gaan ze niet verder. Alleen in de context van een roofdier geven ze elkaar specifieke informatie, maar daarbuiten lijkt hun communicatie inderdaad vooral een uiting van hun emoties of intenties. Je kunt de alarmkreten ook niet echt woorden noemen, omdat woorden in allerlei contexten worden gebruikt en wij mensen boodschappen kunnen geven in de vorm van zinnen als “ik zag gisteren een griezelige coyote” of “ik vind coyotes maar vieze beesten” of “ik heb gedroomd over een enge coyote.” Ook Slobodchikoffs gebruik van de termen zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden gaat te ver. Alleen wanneer je echte zinnen kunt maken, compleet met alle structuurregels van de grammatica en syntaxis, kun je uberhaupt spreken van zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden. Om die reden kun je beter spreken van objecten en eigenschappen. Eenzelfde fout zagen we plaatsvinden in het apentaalonderzoek: daar spraken sommige onderzoekers ook over zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden en werkwoorden. Maar uit niets was gebleken dat de mensapen het grammaticale stadium hadden bereikt. Het was daarom beter om over symbolen voor objecten, acties en eigenschappen van objecten te spreken. Ook bij menselijke kinderen zien we dat ze eerst in objecten, acties en eigenschappen spreken, voordat ze grammatica leren en ze grammaticale termen als zelfstandig en bijvoeglijk naamwoord en werkwoord leren en door hebben dat deze woorden met elkaar structureel in verband staan.
Is taal belangrijk dan?

Net als echolocatie uniek is voor dolfijnen en vleermuizen, is taal uniek voor mensen.
(klik op het plaatje om een animatie te zien van de echolocatie)
Mijn conclusie is dus dat taal alleen bij mensen voorkomt. Ik krijg nog wel eens kritiek op deze conclusie. Men denkt dan dat ik door de term ‘taal’ voor te behouden aan mensen ik net als veel wetenschappers en filosofen in het verleden opnieuw bezig ben om een dichotomie, een tweedeling tussen mensen aan de ene kant en alle andere dieren aan de andere kant, in stand te houden. Maar dat is zeer zeker niet de motivatie waar mijn wetenschappelijke conclusie uit voortkomt. De reden waarom ik de term ‘taal’ wil beperken tot menselijke talige communicatie is om daarmee aan te geven dat de menselijke taal in een aantal opzichten heel anders van aard is dan de natuurlijke communicatie van andere dieren. Dat is nou eenmaal de enige conclusie die je kunt trekken na meer dan honderd jaar taalonderzoek met allerlei dieren en al het recente onderzoek van de natuurlijke communicatie van dieren. Dat wil echter niet zeggen dat mensen daardoor opeens hele bijzondere dieren zijn, die anders zijn dan alle andere dieren. Het gaat mij om de specifieke aard en werkelijke natuur van ieder dier. Bij mensen zien we dan dat wij een taalvermogen hebben dat we met geen ander dier delen, waar wij dan speciaal in zijn. Maar het geldt tegelijkertijd voor elke diersoort dat die speciaal is, omdat daar in de loop van de evolutie vermogens bij zijn ontwikkeld die bij geen ander dier voorkomen. Denk aan het vermogen tot echolocatie, wat we tot nu toe alleen tegenkomen bij dolfijnen en vleermuizen. Daarin zijn dolfijnen en vleermuizen speciaal. Op dezelfde manier moet je naar het taalvermogen bij mensen kijken: dat is dan hetgeen waar mensen speciaal in zijn.
Ook denkt men soms dat ik, door taal te zien als iets uniek menselijks, een breuk aanbreng in de continuïteit tussen mensen en alle andere dieren. Dat is inderdaad de positie geweest van René Descartes, die mensen als speciale wezens zag die door een god als enige wezens een geest geschonken hadden gekregen. Inmiddels is Descartes’ positie natuurlijk achterhaald en weten we nu dat de evolutie erop wijst dat er één groot continuüm bestaat tussen alles wat leeft. Als we dan naar de menselijke taal kijken, dan zet ik die wel apart van andere vormen van communicatie, maar natuurlijk ligt taal dan wel in het verlengde van de natuurlijke dierlijke communicatie. In de evolutie van de mens is op een gegeven moment taal ontwikkeld vanuit niet-talige communicatie, en in die zin is er dus gewoon een continuum tussen taal en communicatie. De tussenvormen die er zullen hebben bestaan zijn echter al lang uitgestorven en wat er over is gebleven zijn mensen die een volwaardige taal hebben ontwikkeld. Op een zelfde manier is het vermogen tot echolocatie bij dolfijnen en vleermuizen in een continuum geëvolueerd uit al eerder bestaande vormen van navigatie en exploratie. Ook daar lijken de tussenvormen daarvan inmiddels te zijn uitgestorven. Continuïteit tussen alle dieren en het bestaan van voor elk dier speciale vermogens bijt elkaar dus geenszins.
Zijn dieren zonder taal dan minder waard?
Vaak denkt men ook dat ik door de term ‘taal’ te beperken tot mensen ik daarmee alle andere dieren op een lager moreel plan zet, ze een lagere morele status geef. Maar ook dat is niet wat ik bedoel. In mijn eigen morele positie op het gebied van de dierethiek ga ik ervan uit dat de aanwezigheid van ervaringsbewustzijn (het vermogen om allerlei zaken subjectief te beleven, zoals pijn, plezier en allerlei andere emoties) een voldoende voorwaarde is voor morele gelijkheid tussen alle dieren die er bestaan. Voor alle gewervelde dieren is er inmiddels uit heel veel onderzoek naar gedrag en zenuwstelsel voldoende kennis om te concluderen dat zij ervaringsbewustzijn hebben. En ook voor ongewervelde dieren worden steeds meer studies gedaan, waardoor het ook meer aannemelijk wordt dat ook zij iets van ervaringsbewustzijn zouden kunnen hebben (zie bv. het onderzoek naar pijn bij allerlei ongewervelden).
Binnen mijn dierethische visie zijn dan vervolgens alle specifieke vermogens die een dier heeft verder volslagen onbelangrijk voor de manier waarop we met het dier omgaan. Een mens met taal is dus niet meer waard dan een aap zonder taal. Op dezelfde manier dat een dolfijn met echolocatie niet meer waard is dan een zeezoogdier zonder echolocatie. Alle dieren zijn dus gelijk! Helaas vergeet men dan vaak mijn eigen morele conclusies als ik op wetenschappelijk gebied wil verdedigen dat taal iets unieks menselijks is.
Over 10 jaar praten met je huisdier
In het interview in The Atlantic spreekt Con Slobodchikoff zijn optimisme uit dat we in de nabije toekomst op een vergelijkbare manier als bij de prairiehonden ook de communicatie van onze huisdieren tot in detail kunnen ontrafelen. Zolang de informatietechnologie zich verder ontwikkelt, zouden we over zo’n 5 of 10 jaar misschien een soort smartphone kunnen ontwikkelen die het geluid van je huisdier vertaalt in een menselijke zin. Een blaf van je hond zou dan kunnen betekenen “ik wil vanavond kip eten,” en een miauw van je kat zou kunnen zeggen: “je hebt mijn kattenbak de laatste tijd niet schoongemaakt.” En daar houdt het niet op, want met dezelfde smartphone zou je als mens vervolgens ook een geblafte of gemiauwde boodschap terug kunnen laten horen en op die manier een hele dialoog kunnen aangaan met je huisdier. Het apparaat zou dan jouw menselijke klanken vertalen in geblaf of gemiauw wat je hond of kat kan begrijpen. En niet alleen met honden en katten, maar mogelijk ook boerderijdieren of zelfs leeuwen en tijgers.
De massamedia pakken het op: ik word geinterviewd
Natuurlijk kon deze opmerkelijke uitspraak van Slobodchikoff niet onopgemerkt blijven in medialand. In Nederland verscheen in het Algemeen Dagblad van 6 juni een artikel met als titel ‘Binnen nu en 10 jaar praten we met onze huisdieren.’ Op dezelfde dag werd er contact met mij opgenomen door de redactie van het programma Editie NL, wat elke werkdag na het RTL Nieuws van zes uur wordt uitgezonden op RTL 4. Een licht informatief programma, wat vooral als infotainment kan worden gekarakteriseerd. De volgende ochtend stond er een filmploeg in mijn huis en werd ik als Instituut voor Dieren in Filosofie en Wetenschap geinterviewd over Slobodchikoff’s optimistische uitspraak. Het interview zelf duurde zo’n 15 minuten, maar zoals dat meestal gaat bij korte items in de media, worden daar maar een paar zinnen of one-liners uitgehaald. ’s Avonds werd het programma uitgezonden, het item zelf duurde maar 2,5 minuten en inderdaad bleek dat mij uiteindelijk maar 2 of 3 zinnen toebedeeld was, naast een paar uitspraken van hondenenthousiast Martin Gaus. Het item kreeg de naam “Wat zeg je miauw?” en is nog op internet te zien, door op deze link te klikken. Mijn eigen mening over de boude claim van Slobodchikoff kwam overeen met die van Martin Gaus. Natuurlijk zijn er verschillende vormen van geblaf en gemiauw. Maar iemand die een goede band heeft met diens dierlijke huisgenoot en daar goed op let, die kan prima de boodschap van de hond of kat ontrafelen. Angstig geblaf klinkt anders dan blij en speels geblaf. En een groetende miauw van een kat is weer heel anders van geluid dan een dreinend gemiauw van een kat die onmiddelijk voer wil. Je hebt dus helemaal geen smartphone met een vertaalgadget nodig om met je huisdieren te communiceren! Ook geloof ik niet dat honden en katten zulke specifieke informatie communiceren dat ze boodschappen zouden uitzenden als “ik wil vanavond kip als diner!” Uiteraard hebben dieren individuele voorkeuren voor het soort voedsel dat ze willen eten, en kunnen ze dat ook nonverbaal aangeven als je hen verschillende types voedsel zou aanbieden waar ze uit mogen kiezen. Maar dat dergelijke informatie in hun geblaf of gemiauw verborgen zit vind ik zeer onwaarschijnlijk.
De eenzaamheid van de mens
Aan mij als psycholoog van het Instituut voor Dieren in Filosofie en Wetenschap werd door Editie NL ook de vraag gesteld waarom mensen eigenlijk zo graag willen kunnen praten met hun huisdieren. Natuurlijk had ik daar een uitgebreid antwoord op, maar uiteraard te lang voor de vluchtige media. Uiteindelijk hebben ze deze zin uitgezonden: “Omdat we gewoon meer kennis willen hebben over dat andere dier, en we willen eigenlijk ook die eenzame positie die we een beetje hebben als mens als enige talige wezen op de wereld een beetje kunnen doorbreken door dus ook met andere dieren op dezelfde manier te kunnen kletsen.” Op de site van het programma Editie NL hadden ze daar weer iets anders van gemaakt. Daar stond het volgende: “Mensen voelen zich snel eenzaam. Wij willen praten met onze dieren omdat we op zoek zijn naar gezelschap. Het zit veel baasjes dwars dat ze niet kunnen praten met hun huisdier, terwijl die iedere dag bij ze is. We willen weten wat dieren denken, wat ze bezighoudt en wat ze willen.” Het is natuurlijk waar dat wij mensen meer informatie zouden willen hebben over wat er in andere dieren omgaat en juist het feit dat andere dieren geen taal hebben leidt er toe dat we als mensen soms gissen naar wat een dier denkt of voelt. Zeker als je dat tot in detail zou willen weten. De natuurlijke communicatie van andere dieren geeft ons mensen zeker heel veel informatie, zoals dat een hond of kat bang of blij is, maar diezelfde hond of kat communiceert niet tot in heel specifiek detail waaróm deze bang of blij is, bijvoorbeeld.
Maar wat betreft de eenzaamheid van de mens bedoelde ik helemaal niet dat eenzame mensen op zoek naar gezelschap met dieren willen kunnen praten. Zo lijkt het haast alsof vooral eenzame mensen contact willen hebben met andere dieren en dat is natuurlijk onzin. Nee, wat ik bedoelde is dat de mens dus als enige talige wezen in de wereld een eenzame positie bekleedt. Geen enkel ander dier kan op een talige manier communiceren en op dezelfde wijze als mensen tot in heel groot detail over alle innerlijke gedachten en gevoelens met elkaar praten. Als talige wezens zijn we zo gewend aan een talige manier van communicatie dat we bij andere dieren merken dat dat niet lukt. Zo merken we natuurlijk dat er nog veel voor ons verborgen blijft van wat er bij andere dieren in hen omgaat. Tegelijkertijd confronteert ons dat met het feit dat we de enige talige dieren zijn en dat kan een op filosofisch gebied eenzaam gevoel geven. De doorbraak die er in de jaren ’70 leek te zijn in het apentaalonderzoek met de gebarende mensapen nam dat eenzame gevoel tijdelijk enigszins weg en vervulde de mensheid in die tijd met de hoop dat we van alles te weten zouden kunnen komen over andere dieren en dat we met andere dieren op dezelfde gedetailleerde manier zouden kunnen praten over allerlei zaken van het leven e.d. Toen echter bleek dat ook de mensapen niet tot taal in staat waren vielen we weer terug in die eenzame positie. De dieren praatten niet terug en we kunnen geen enkel ander dier om diens mening of advies vragen en moeten het dus helemaal zelf alleen doen, met al onze twijfels, zorgen en grote vragen over het leven en de wereld in ons hoofd.
Kom naar de cursus Communicatie en taal bij dieren!
Bent U geboeid geraakt door deze hele discussie? Schrijf U dan in voor mijn cursus “Communicatie en taal bij dieren. Recente ontwikkelingen in wetenschappelijk onderzoek.” Op 3 zaterdagen in november geef ik in Amsterdam deze cursus voor iedereen die geinteresseerd is in het onderwerp. Naast de alarmkreten van prairiehonden, meerkatten en stokstaartjes gaan we daar uitgebreid in op al het taalonderzoek met dieren (mensapen, dolfijnen, zeeleeuwen, honden en papegaaien) en behandelen we ook de natuurlijke communicatie van mensapen, vogels (vogelzang en vogelroepe) en walvissen en dolfijnen. Klik hier voor meer informatie over deze cursus en om U aan te melden.














